|
Pagina 1 van 3
Semmelen in Alphen was actueel en van bijzonder niveau.
Diverse semmelèèrs gaven aan dat het voor hen even genoeg geweest is, dus is er plaats voor nieuw aanstormend semmeltalent! Laat je maar horen. De semmels zijn binnenkort op Radio Optimaal te horen en er zullen zeker nog meer foto's verschijnen want Trees van Hoek was weer driftig in de weer met haar fotoapparaat.
Oppersemmelèr 2012 Bart Wouters is overtuigend winnaar op beide avonden.
Vrijdag 4,zaterdag 5 en zondag 6 februari was cc den Heuvel the place to be. De traditionele semmelavonden vonden plaats en zoals verwacht was het weer een groot succes. Natuurlijk zijn de verwachtingen hoog gespannen en moeten de deelnemers rekenen op kritisch publiek. Volle bak op zaterdag en zondag en bijna volle bak op vrijdag dus aan belangstelling geen gebrek.
Deze editie kende 7 semmelèrs, waaronder de gastsemmelèr Bart Ketelaars uit Hilvarenbeek. Vorig jaar deed hij in de mode. Deze keer kwam hij het verhaal doen uit het leven van een tandarts. Maar naast deze semmelèr van buiten kwamen drie “oud” gedienden in de ton. Voor de elfde keer deden Guus Meeusen, Johan Meeuwsen en last bun to least Bart Wouters mee in gezelschap van Carla de Jong, Peter van Gorp en John Monden. Dit alles met ondersteuning van bestuur en Raad van Elf van de Struivenbakkers, Reset en de gebroeders van Hal en grimeur Wim Coppens en videoman Ad Lauwers en,en, en, en, en …… In feite een groot gemeenschappelijk feest van en door vrijwilligers een item dat nog terug zou komen in de semmels. Naast alle mensen die door prins Stafke den derde en zijn gevolg werden bedankt voor hun inzet en werk met hét eretekenen van de Struivenbakkers mag in deze weergave één man even niet vergeten worden. Al vanaf 1962 is er iemand die zorgt dat de mensen er op het toneel er goed op staan. Wim Coppens zorgt al 60 jaar voor het schminken en dat is heel wat anders dan schilderen. Chappeau voor zo’n man, die naast al die andere vrijwilligers in de schaduw zijn werk doet en met plezier. De semmelavonden/ middag verliepen zeker in een ongedwongen sfeer en was er naast de spanning voor de semmelèrs meer dan voldoende ruimte voor een pintje, muziek en buurten. Een natuurlijk onvoldoende samenvattende weergave van dit festijn treft de lezer hierbij aan. Geen woordelijk in dialect weergegeven verslag maar een impressie met opmerkelijke punten uit de semmels. De volgorde voor deze samenvatting is gebaseerd op de zaterdagavond, maar het totaal is uiteraard gelijk aan alle andere semmels.
Als eerste mocht Bart Ketelaars uit Hilvarenbeek de ton betreden. Hij mocht het spit afbijten en dat is op zo’n avond niet eenvoudig. Al is de man door en door ervaren met semmelen, de lachers warm laten draaien vergt veel energie. Hij trad op als Bartje Vullings de tandarts en was los van de gebruikelijke kleding getooid met een bontjas en een stevige boormachine.
Bontjas natuurlijk vanwege de riante inkomenspositie en de boor ja dat hoeft geen verdere toelichting. Hij gaf aan dat een van zijn patiënten prins Stafke was. Hopelijk is deze werkwoordsvorm correct voor Stafke. Hij stelde vast dat er één tand uit moest en daar was de patiënt niet blij mee. Zeker gezien de naalden die er aan te pas kunnen komen of als dat niet prettig gevonden wordt het lachgas. Omdat Stafke geen van twee aantrekkelijk vond had Vullings een alternatief – Viagra. Niet zozeer tegen de pijn,maar meer om bij het trekken tenminste nog iets te hebben om vast te houden. Vullings was wel een bijzondere man. Hij begreep kinderen niet echt. Voorbeeldje,dat een kindje belt of het getrokken tandje nog pijn heeft, begrijpt hij niet. Sla eten met een beugel is ook niet handig bleek, want een patiënt kwam bij hem met een hele krop slaai in zijn mond. Kon niet door de beugel was de conclusie. En zo ging het maar door. Creatief was Vullings zeker. Hij maakte ’s morgens altijd met de betonmolen een smeerseltje klaar waarmee gaatjes gevuld konden worden. Tja als dan drie patiënten op het laatste moment afzeggen dan zit als je niet uitkijkt met een restant van dat spul. Maar daar komt de ondernemersgeest naar voren en hij boort gewoon wat extra gaatjes en na het vullen is de “specie”op en de portemonnee gevuld. Of zoals hij zelf aangeeft hij pompt de patiënten vol met lood en steekt zelf het goud in zijn zak.Naast ideeën over het wit houden van tanden met accuzuur en andere agressieve middelen had hij ook de breinaald als ultieme vorm van verdoving bedacht. Toen hij zijn vader nog moest helpen stond hij met een breinaald klaar om de patiënt stevig in zijn achterste te prikken op het moment dat de tand getrokken werd. Zonder verdoving dus een heel ander soort pijn. Ketelaars heeft met zijn semmel wellicht de gang naar de tandarts niet gemakkelijker gemaakt. Wel heeft hij de start van de avond gemaakt en is de zaal al een beetje warm gedraaid.
John Monden terug van weggeweest kwam met een bijzondere creatie als volgende semmelèr in de ton. Pietje Pap de melkboer kwam zijn ervaringen vertellen.
Een dankbaar type om op de bühne of in de ton te zetten. En dat kon John prima. De melkboer wordt in wel meer situaties beschreven en die kwamen prima voor in de semmel. Wat te denken van de relatie met klanten? Natuurlijk ook wat algemene grappen, zoals het cadeau in de vorm van een weegschaal aan zijn vrouw, die iets wilde dat van 0 tot 100 ging in 3 seconden. Of het eten dat op een ander beter smaakt dan thuis. “Als je op een ander honger krijgt is het thuis niet meer te vreten.” Melkboer zijn is geen vak, als kind kon hij al heel goed melkboeren. Het is een roeping. Zeker als het om de klanten gaat. Voorbeeldje Priscilla. Dame die elke keer een pak yoghurt kwam halen en vraagt om een tasje. Ze gaf op een dag aan dat ze eens een keer flink uit haar bol wilde gaan. Stappen, flink drinken en dan stevig de beest uithangen in bed. Of Pietje ‘s avonds wat te doen had. Nee, geen bezigheden dus hij was beschikbaar. Mooi,zei Priscilla wil je dan op mijn hondje passen. Maar later zou blijken dat er ook andere momenten waren waarop hij wel meer van Priscilla kon genieten. Alhoewel als later blijkt dat hij de prachtige koperen tuba van haar vader aan had gezien voor een gouden wc dan ligt het toch wel even anders. Tja een melkboer verkoopt van alles en als hij condooms verkoopt aan Evert Huijben, krijgt hij de mededeling dat er geen zak omheen hoeft want zo lelijk is ze deze keer ook niet. In het begin had Pietje al laten weten dat hij niet erg fris uit zijn mond rook. Zwart op wit schrijven wat hij daarover zei is wellicht wat al te ruw. Broekman was echter aldus Pietje duidelijk toen hij hem om advies vroeg. Of je stopt met nagels bijten of je stopt met aan je kont te krabben. ’t Is maar waar je voor kiest. Ook een melkboer heeft op zijn route behoefte aan rust. Dus de wagen langs de kant en briefje op het raam ik weet niet hoe laat het is. Hij was al een paar keer gestoord met de vraag hoe laat het was. Kees Vromans moest het ook bij hem ontgelden. “Hangt dat briefje er, wordt er op het raam geklopt en zegt Kees Vromans het is kwart voor een”. Ja het leven van een melkboer gaat niet altijd over fijne wegen. Priscilla had het wel door toen ze vroeg waarom er stond zachte berm. De bordjes met harde berm konden ze niet in de grond krijgen. Maar terug naar de wegen. Hij reed zich vast en kon met geen mogelijkheid uit het slijk komen. Priscilla had al haar kleren al onder de wielen gelegd maar helaas niets hielp. Dus ging zij slechts gewapend met de schoenen van Pietje als dekmantel op pad en kwam bij Wim Seegers. Daar vroeg zij of hij de melkboer eruit kon trekken. Nee, zei Wim als ie er zover in zit dan lukt dat niet. En zo rolde hij van het ene in het andere avontuur. Na een avond flink dollen met Priscilla kwam hij de andere morgen weer thuis. Voor de zekerheid had hij een potloodje achter zijn oor gedaan. Dus toen zijn vrouw van hem de waarheid hoorde van wat hij allemaal uitgevreten had riep ze direct leugenaar je bent naar de bingo geweest. Een bijzondere semmel en niet minder bijzondere melkboer kreeg de zaal goed op z’n hand. Gelukkig of helaas is de melkboer geen gemeengoed meer in deze tijd.
Guust Meeusen als Stafke de vrijwilliger kwam gemotoriseerd naar het podium. Onder het geluid van motoren reed hij op een scootmobiel met Lisanne de hofdame naar voren. Hij droomde nog wel van zijn Harley, maar ja tijden veranderen.
Maar eerst moest zijn Bets er in de semmel aan geloven. Zij had het met dertien kinderen bij haar thuis niet altijd gemakkelijk gehad. Hij vergeleek zijn schoonmoeder met een BBA bus, zat altijd volk in. Na een uiteenzetting over de vrijgezelle buurvrouw die ook nog eens alleen was kwam het ware verhaal. Hij was uit verveling vrijwilliger geworden. Bij den Heuvel trof hij wethouder van Raak die uitriep:” Chaam where the action is.” Nou kwam het weerwoord van Ton bij jou moet alles dicht, zwembad en het gemeenschapshuis. Stafke wilde wel vrijwilliger worden in den Heuvel maar werd als lui beoordeeld. Nou pareerde hij, mijn zwager is pas lui, die vroeg zijn vrouw ten huwelijk terwijl ie een band van de auto aan het verwisselen was. Lag ie toch al op zijn knieën. Van Annelies kreeg hij echter toch een kans om te bewijzen dat hij wel goed was. Hij moest zonder morsen een kop koffie naar boven brengen naar de burgemeester. Dat lukt doordat hij beneden aan de trap en stevige slok uit het kopje nam en boven weer terugspierste. Burgemeester was onder de indruk en vroeg hem naar het gemeentehuis te komen, Voor de WOZ had hij nog een vrijwilliger nodig. Stafke wist niet wat dat was maar hij zou samen met Ad Dekkers, Piet de Leeuw en Kalen Ad een Bijzonder Opsporings Brigade vormen voor het probleem Wiet Op Zolder. Na een test of hij hard genoeg was werd hij tot de brigade toegelaten. Als ondersteuning kreeg hij een hond Bobke mee, die wiet op grote afstand kon ruiken. Wat de wietplantages betreft maakte hij een link met het verdwijnen van de boerenbond. Van een anonieme medewerker kreeg hij wat informatie over vreemde aankopen. Tien zakken stekpoeder voor van Zoggel, maar daar was niemand thuis en bleken het buxusplanten te zijn. Honderd bouwlampen Kees Vromans leidden wel tot een bekeuring, want je zou er .. Omdat de hond niet goed luisterde nam hij hem mee op cursus. Om 2 uur ‘s nachts zat hij nog in de bosjes te wachten op Bobke. Geen succes dus. De test met vijftien honden die hem als “pakman” moesten achtervolgen liep ook volstrekt anders. Ze storten zich op de fiets. Waren duitse herders. Omdat dat allemaal niet zo geslaagd was is hij uiteindelijk in den Hoogt gaan werken als mantelzorger voor de opa van hun Bets. Na grappen en grollen over viagra en het uiterlijk van tante Tineke heeft Stafke nog een bijzondere belevenis te melden. Opa kende geen lift en voordat hij erin kon rijden werd hij bijna ondersteboven gereden door een foeilelijke vrouw. Weg lift. Dus zei Stafke geeft niks hij komt zo terug. Als ie terug is stapt er een prachtige verpleegster uit wat opa ontlokt;” hier moeten we tante Tineke ook eens indouwen.” Guus als de stoere Stafke heeft waarschijnlijk hiermee zijn laatste semmel gehouden. Na elf keer vind hij het wel mooi geweest. Jammer want Stafke was en is een begrip bij de semmelavonden.
Carla de Jong als Katima is zeker een bekende uit vorige edities van het semmelen. Zoals ze zelf aangeeft is ze goed ingeburgerd en spreekt ook al Alfes. Ze is zeker helemaal ge- update want zoals ze vertelt van wat ze van Jan Verhoeven van de Kwaalburg had geleerd en met hem had beleefd. Maar met de Nederlandse taal blijft het nog steeds wel wat moeilijk. Net als Jan die aangehouden wordt met teveel drank op. Nee, geen blaastest maar een leestest deed hem de das om. Vette bekeuring dus. Jan en Els zijn goede vrienden maar als op een vakantiekaart staat dat ze goed zijn aangekomen had Katima liever zien staan hoeveel.
Of als ze op het nieuws hoort dat dood paard Anie van Grunsven nog steeds achtervolgt dan begrijpt Katima het niet. Net zo min als ze in de wachtkamer Sandra hoort zeggen dat “het zien niet meer is zoals het hoort”. Dan blijkt dat taal toch bijzonder is . Naast deze taalgrappen had Katima natuurlijk ook een scala aan zeg maar meer fysieke grappen. Bijvoorbeeld als het achtereenvolgens gaat om het kopen van condooms en het nemen van de maat van enkele bekende Alphenaren. Stafke moest het ook ontgelden en werd geconfronteerd met de openbaring dat hij de condooms met 50 euro wilde betalen. Toen Sandra vroeg; “heb je gepast.” Antwoordde hij, nee want ze zijn voor Cees Vromans. Volgens Katima is de condoom in haar thuisland uitgevonden. Was de dikke darm van een geit,maar Nederland heeft het verfijnd door hem eruit te halen. Zo kwam ook Achmed haar man aan de beurt, werd de moeder van Achmed ook nog even in het “zonnetje”gezet. En kreeg her en der menigeen een grap aan zijn broek. Achmed kreeg veel te verduren. Zij was met hem getrouwd omdat hij haar de hele wereld zou laten zien. Dat bleek echter een atlas te zijn die hij voor haar kocht. Hij is vaak dronken, liegt en is eigenlijk geen 50 cent waard. Ja, om het winkelwagentje te duwen. Tussen alle bedrijven door haalt ze nog een anekdote met Stafke aan, die na drie rondjes weggegeven te hebben aan Brenda bekend dat hij geen geld heeft om af te rekenen. Toen hij weer uit het ziekenhuis was en weer een rondje weggaf sloeg hij Brenda over. Ze werd toch maar agressief van drank. Tot slot van haar semmel komt de aap of liever gezegd de beer uit haar mouw. Bij aanvang had ze een beertje bij zich en naar bleek heeft ze dat van Stafke gekregen. Een klein beertje van de onderste plank maar toch. Ze had zelf na een avondje stappen besloten bij hem te blijven slapen. Of ze de eerst was die bleef slapen. Als je gaat slapen wel was het antwoord. Katima blijkt goed ingeburgerd en zit zeker niet om een woordje verlegen.
Peter van Gorp zette een glansrol weg als Peerke R. de Vries. Stafke had hem al aangekondigd als onbekende naamloze semmelèr. Maar snel stelde hij zich voor en bleek dat hij door de burgemeester gevraagd was om Alphen eens nader te onderzoeken op criminaliteit. Nee, die andere Peter R was de man die klappen krijgt en kogels. Peerke beurde echter alleen de centen. Hij werkt veel onderkoffer en droeg er daarom ook een op zijn hoofd.
Maar het blijft gevaarlijk en daarom wast hij zijn eigen met WC eend. Het stinkt vreselijk, maar het voorkomt aanslag aldus Peerke. Over die R is hij duidelijk. “die stoi vûr de Vries”dus. Direct constateert hij in de ton een misdrijf. Doodgeslagen bier, schuldige ene Vromans. Los van de opdracht van de gemeente hielp hij Wil v/d Boer met een vraag. Deze was op zoek naar zijn stamboom en hoorde dat er wellicht Duits bloed in hem zat. Na onderzoek kon Peerke hem melden dat er inderdaad Duits bloed in het spel zat maar dat het op de bumper van zijn mooie auto zat. Voort wilde hij en was op weg naar wethouder van de Heijning. Die was er niet want volgens van Staveren was er op hem geschoten. Bij de Alphense berg troffen ze hem aan. Geen wonder dat er op je geschoten wordt als je loopt met grote letters Reebok op je trainingspak. En passant laat Peerke de Belhamel langs komen, heeft hij de nodige steken onder water naar de Brouwer, waar hij een kamer heeft. Meldt dat daar een speciaal bed is gemaakt. Net zo lang als breed. Kunnen de raadsleden uit Chaam blijven overnachten en toch dwarsliggen. Geheimhouding van zijn zaken is moeilijk bij den Brouwer want er ligt overal kliklaminaat. Het dagmenu slakken levert ook een aardige grap op. Hij neemt op advies van Paul Poolse slakken want daar zitten er 10 van in één huisje. Als je een speurder aan het woord hoort dan kan het niet uitblijven dat er over wit poeder gesproken wordt, de wietplantages niet onbesproken blijven. Bij het “leeglaoien” van de Belhamel zag hij een hele berg buiten liggen. “Zeg maar een Takkenberg”Nou en dan zijn er weer aardige lijntjes te leggen. Hij had er zelfs een verborgen camera bij gebruikt. Nee is niet zo moeilijk als onderzoek. “mar eer gè die verrekte camera gevonden heb” was zijn conclusie. Hij had veel moeite gehad met Takkenberg omdat die altijd bezig zijn met van alles te verduisteren. Naast een onderzoek naar een pakhuis aan de Sint Jansstraat waar luxe artikelen voor een habbekrats verkocht werden. Corné die dat zonde vindt.Een verhaal over Marian Peters en Annie van Hoek al zwemmend en de constatering dat de eerste wel 5 minuten kan zwemmen maar niet zo lang haar mond dicht kan houden, kwam uiteindelijk de slotconclusie die hij aan de burgemeester kon melden. Weinig criminaliteit in Alphen en meest hardwerkende mensen.
Johan Meeuwsen deze keer als Joe Sitaslow is eveneens een vaste gast in de ton in Alphen. Hij is zeker de man van de spitsvondige woordspelingen. Deze keer met een kliko aan de hand en een Cittaslowslak op het hoofd heeft hij een hele semmel over Sitaslow. Als ambassadeur van Sitaslow begon hij met de rug naar het publiek want je moet eerst de Alphense mensen achter je krijgen. Hij was met een proeftijd van een half jaar aangesteld als ambassadeur.
Nadat ie al geproefd had bij den Brouwer ging hij zich in ( de) gemeenschap verdiepen. Met citaten van de site van de gemeente stak hij her en der de draak met het hele Cittaslowgebeuren. Een slak vindt hij een verkeerde keuze als logo. Waarom niet een luipaard of een hygiëna. Ook de promotie van streekproducten waar zo op gehamerd wordt moest het ontgelden. Belhamelbier, Belhamel wiet.. niet, Dasummer ook eentje en zo meer. Maar ze laten de culturele carnavalsoptocht schieten. Juist het medium om promotie te doen. Hij begrijpt ook niet wat een convivium van slowfood is. Ja toppunt van slowfood is volgens hem: “ Frans Horrevoorts mee un schaal arti-sjokke”. Zo rolt zijn semmel van het een in het ander. Doorspekt met citaten uit de site en gevolgd door een bijpassende ondertiteling. “gemeenten die op het gebied van leefomgeving en landschap tot de top behoren”brengt hem tot de conclusie dat er niet veel te vinden is wat tot de top behoort. Alphense berg ja en Chaam is een gat dus… ? Behoud van Identiteit en cultuurhistorie maakt dat hij verwijst naar Wim Segers als het om cultuurhistorie gaat. Over cultuur wil hij meer kwijt. Bijvoorbeeld de rose strik op de schuur van Ad van Koose. Nee zo bleek, het rose was alleen een kleur en Ad was uit de schuur gekomen en niet uit de kast. Sinterklaas is ook cultuur. Ze wilden Ruud van Gorp op Unesco Erfgoedlijst laten plaatsen. Sinterklaas verkleed als Ruud van Gorp had gehoord dat de heuvel vrijwilligers zoekt. Maar dat zag sinterklaas niet zo zitten. Met een bezoek Ruud Sint aan de Belhamel werd ook door Joe de relatie gelegd met het wietgebeuren. Sint had bijvoorbeeld gevraagd of het personeel allemaal op de loonlijst staat. Er waren er wel een stel die wi (e)t werkten. Over de aparte geur die er hing zei Wieteke Joost mag het weten, direct gecorrigeerd door Adrie die Neeje,neeje riep. Na de nodige kwinkslagen rond het thema wiet bij de Belhamel kon Akazia niet onvermeld blijven. Dinsdag wordt wat Joe betreft voortaan oproldag. Naast nog een heel aantal grappen met woordspelingen had Joe toch ook wel wat serieus te melden. Zijn oproep of constatering dat dat de Alphense mensen al heel veel jaren een goeie kwaliteit van leven hebben. Dat ze altijd op een menselijke manier met elkaar omgaan, zich daar bewust van zijn, en trots, die iets groots kunnen neerzetten en er nog veel meer mensen zijn om daar met alle plezier aan mee te helpen. Én we langer leven omdat we carnaval vieren. Dat de burgemeester van die kwaliteiten gebruik wil maken om Cittaslow te mogen heten geen bezwaar. Maar het mag niet omgedraaid worden aldus de ambassadeur van Cittaslow die zijn taak meteen overbodig maakte, want dat deed de burgemeester zelf al. De slotwoorden van Joe zullen velen begrepen en onderschreven hebben. Zorgen maakt hij zich over Alphen om wat er allemaal verdwijnt Plus Centrumplan, Plus Boerenbond ...
Bart Wouters als Sjoak Kaamp van ’t Zaand mocht deze avond het spektakel sluiten. Tja en wat kun je daarover nu samenvatten. Zoals hij zelf onderweg de draad even kwijtraakte zo is het verslag leggen in geschreven taal lastig. Daarom vanwege zijn verdienste en zijn oppersemmelèrschap toch een aantal letterlijke citaten uit zijn semmel. Zijn huidige situatie omschreef hij alsvolgt: “Ik heb wel veurt financiële problemen, ik heb noamelijk altij in de ww gerwerkt, dè’s de wiet wereld, gouwe handel, bietje hovenieren bij onder andere d’n plaatselijke horeca dè heej altij verekkes goed opgebrocht; vrúúger hai ik alles, een gròòte caravan, meej alles d’r op en d’r oan, op de beste plots, de hòògste berg van camping ’t záánd, ideaal, nooit gin last van woater, een dikke vette hummer, lòpt een op twee zonder caravan, die zuipt bekaant net zoeveul als ik, en mèn hobby was golf, dè’s een elitesport, tenminste, veur dè ik lid wier van die vereniging was dè een elitesport” Zijn prestaties in de golfsport kregen ook een prachtige persiflage: “De oudste van de vereniging,die was wel een joar of taachetig, kò’s mar aamper goan dieje mees, dè was mènne caddy, of caddy, ’t was meer een minigolf, op een gegeven moment stoat ‘r tussen mèn en dè vlaggeske een eik van wel een meter of twoalef hoog, ik zeej ja, en nou, die mees zeej vruuger in menne goeie tèd sloeg ik dè balleke d’r gewoon overhenne, dus ik liet m’n eige nie kenne en sloeg zoe hard ik kò’s, net nie hoog genoeg, dè balleke veert terug en laand bekaant precies op dezelfde plak wir terug, ik zeej gij wel in oewe goeie tèd, jeh zeetie mar toe was dè bomke mar aanderhalve meter hoog.” En verder dendert de semmel. Via vette jaren “Bij mèn was alles vet, de keuke, m’n hoar, dè’s trouwens nog, en ons vrouw, ons vrouw is zoe vet, die kan oan twee káánte tegelèèk ûit bed valle,”
Een bijzonder bezoek aan de beekse bergen en zijn ervaringen met gevangenschap : “Mar in plak van dè’k subsidie kreeg, hebbe ze al m’n werkgevers opgepakt, die zitte allemoal vast en mèn hebbe ze òk gearresteerd, hè’k nog een week gelogeerd in hotel troaliezicht, - irst een dag in voorarrest, ik vroeg oan die agent die mèn moes bewoake wè nou eigelijk de bedoeling was, zeetie nou, dè weet ik nie precies, mar ge hèd recht op een telefòntje, ik zeej dan wil ik zo’n platte woar ik òk zo meej kan bellen en alles, en skipe, en lest vroeg ‘r iemand oan mèn was eppe, ik zeej geen idee -Dè’s een gaaf ding jonge, nou kan ik per noam een áándere ringtone instelle, als nou bijvoorbeeld mèn lieve schat belt dan krègde Andre Hazes meej een beetje verliefd, en als nou mèn vrouw belt dan krègde ’t gelûid van een koaje hond” Het werk bij Dre Peters verliep niet naar wens want Sjaok was gewend de toppen eruit te knippen. Over zijn brommer en het gebruik er van raakte hij ook niet uitgepraat. Los van de tocht naar Chaam waarop hij jas, helm en handschoenen vergeten was, het bezoek aan franske :” Men brommer remde nie goed, dus ik noar fráánske, kunde gij is noar mèn brommer kèke frááns hij remt nie, ‘k heb ‘r noar geke, dè’s gin brommer zeetie, die moak ik nie, ik zeej frááns, de’s toch veulste gevoarlijk zonder remmen, hij zeej ‘k zal ‘r een goeie bel opzetten” Of de bijna aanrijding op de rotonde waardoor Joris Puij 5 kuub zand op het fietspad verloor en Toos Kleiren er uiteindelijk ook nog met fiets en al onder vandaan. In het slot van zijn semmel pakt ie Brenda en Connie Foes nog even mee “’s oavonds zij ik gelèk een goeie pinte wieste vatte bij d’n brûine, zit doar connie foes oan de bar meej een of aander stom brilleke op, hij zeej stoi dè nie heel intelligent, dè brilleke, ik zeej joah, dè brilleke wel -Toen zeej brenda, eej manne, zal ik ’s wè lekkers wegzetten op de bar, dan zulde wel plak moete moake zeej foes, want zo pas ik ‘r nie op “
Semmelen 11 jaar lang en op dat niveau is toch best wel bijzonder. Toen hij meldde dat hij er een punt achter wilde zetten kwam er uit de zaal een spontane reactie om dat niet te doen. Overigens zo na zo’n avond en de prijsuitreiking raakt het je wel wat Bart toch nog maar eens even zegt. In zijn dankwoord gaf hij aan dat hij er ernstig over na had gedacht of hij wel mee zou doen. De thuissituatie met zijn moeder was er niet echt naar om … Maar dat hij toch besloten had het ook voor haar door te laten gaan. Met; “Meer wil ik er niet over kwijt want dan wordt het wat moeilijk.” besloot hij zijn dankwoord. Na alle optredens en komische en soms wel een beetje stevige kolderieke en grove humor is het bijzonder om zo te kunnen eindigen. Prins Stafke huldigde nog de drie jubilarissen met een ton wat Gust Meeusen ontlokte dat er goed verdiend werd met semmelen. Gisteren een ton, vandaag een ton en zondag nog een dus dat is 3 ton.
Een lange avond met veel verassende elementen werd hierna voortgezet met muziek en gezellig buurten met natuurlijk een stevig pilsje erbij.
Wim Pijnacker
|